(Zie bericht hieronder voor de aanleiding van dit experiment.)
Eerst een brede witte haarband. Dan een doorzichtig paarsblauw sjaaltje. Die prop ik onder de rand. Dan een witte sjaal, een mooi dun ding met glimmende streepjes. Ja: ik zie eruit als een Hollandse moslima.
Durf ik zo ook de straat op? Da’s een andere vraag. Mijn dochter wil niet mee. Ik hoef alleen maar naar de Albert Heijn, maar ja, het is wel zaterdagmiddag. En er werken allemaal Marokkaanse meisjes, die mij natuurlijk meteen doorhebben als fraudeur, en Marokkaanse jongens, die zich misschien ook van alles afvragen.
Wat me angst inboezemt, is een uitdaging (nou ja,…. Ik hoef niet te bungee-jumpen. Maar dit is een onschuldig experiment). Ik ga de straat op met mijn hoofddoek.
Niemand kijkt. Niemand kijkt! Ja, wat had ik dan verwacht?
Hij waait niet af. Het wordt er niet heel heet en kriebelig onder.
In de supermarkt kies ik, in plaats van voor gewone rundergrillworst, voor een halal broodbeleg. Ook al omdat de moslima achter de kassa me anders meteen door heeft. Verbeeld ik het me of kijkt ze me iets doordringender en langer aan? Ze zegt niets. Het moslim meisje bij de klantenservice, waar ik een krantje koop, vindt het ook heel gewoon, een vrouw van 1.80 meter met blonde wimpers en een bleek sproetengezicht met een hoofddoek.
Ik loop de supermarkt uit, en kijk recht in het gezicht van de buurvrouw. Wat zou die ervan zeggen?
Ze zegt niets. Ze loopt door. Ze herkent me niet!
En dat is meteen het opvallendste van wat er gebeurt. Zo belangrijk is het nou, zo’n hoofddoek.
zondag 13 september 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
1 opmerking:
cool zeg! ik heb het wel eens in de les gedaan maar niet daarbuiten.
groetjes, laurie
Een reactie posten